archief

2021-02 Verdragsbijdrage

Wanneer betrokkenen in het buitenland wonen, kan er een financieel voordeel zijn in de premies voor de ZVW en Wlz. Als iemand in het buitenland woont en geen Nederlandse zorgverzekering meer kan hebben, heeft diegene namelijk te maken met een verdragsbijdrage.

In een dossier speelde het volgende:

Betrokkene woont in Portugal en werkte ten tijde van het ongeval in Nederland. Hierdoor is hij verplicht om een zorgverzekering in Nederland af te sluiten. Hij betaalt (onder andere) de ZVW-premies en de premie voor de Wlz.

Sinds het ongeval kan betrokkene niet meer werken. Hij ontvangt na de loondoorbetaling van twee jaar een WIA-uitkering. Omdat hij vanaf de ontslagdatum niet meer voldoet aan de criteria (wonen en/of werken in Nederland) kan hij geen zorgverzekering in Nederland hebben, maar omdat hij een uitkering uit Nederland ontvangt is hij wettelijk verplicht om zich te verzekeren voor ziektekosten. Vanaf datum uit dienst bij de werkgever is betrokkene ‘verdragsgerechtigd’. Dit houdt in dat hij niet in Nederland verzekerd is, maar wel recht op zorg heeft van het verdragsland waar hij woont; dit komt ten laste van Nederland. Omdat de ziektekosten in veel verdragslanden lager liggen dan in Nederland, is er een verdragsbijdrage verschuldigd; deze wordt geïnd door het CAK en, in casu, ingehouden op de WIA-uitkering. De verdragsbijdrage is een korting op de ZVW-premies en de premie voor de Wlz en de hoogte is afhankelijk van het land waarin iemand woont.  

In de situatie zonder ongeval zou betrokkene vanaf AOW-leeftijd de verdragsbijdrage betalen. Na het ongeval is dat al veel eerder. Omdat de verdragsbijdrage lager is dan de normale premies ZVW en Wlz, ontstaat hier een financieel voordeel. In het lopende dossier bedroeg de totale schade € 113.278. Als er geen rekening gehouden wordt met de verdragsbijdrage, zou de schade € 140.471 zijn geweest. 



2021-01 Strafrecht en Wlz

In het strafproces kan een slachtoffer zich voegen als benadeelde partij waardoor er materiële en immateriële schade gevorderd kan worden in het strafproces. Om het strafproces niet onevenredige te belasten, worden onze berekeningen zo simpel mogelijk gehouden. Hierdoor wordt de kans, dat de vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk wordt verklaard, verkleind. Maar wat als de berekeningen niet simpel gehouden kunnen worden?

Neem bijvoorbeeld de eigen bijdrage voor zorg vanuit de Wet langdurige zorg. De berekening van de hoge eigen bijdrage op jaarbasis is op zich al ingewikkeld genoeg. Daarnaast itereert de schade wegens de eigen bijdrage in verband met het vermogen dat in Box 3 terecht komt. De iteratie van de eigen bijdrage kan voor een flinke verhoging van de totale schade zorgen. Hoe houden we dit simpel en niet te belastend voor het strafproces? Of wordt het tijd dat er ook meer complexe berekeningen geaccepteerd gaan worden?

Onlangs speelde dit onderwerp in een dossier van ons. Het slachtoffer is aangewezen op hulp vanuit de Wlz en dient hiervoor de eigen bijdrage te betalen. Om het voor de partijen inzichtelijk te maken wat de schades nu zijn, hebben wij er in ons rapport voor gekozen om de claim op een aantal manieren op te nemen:

  • Een primaire claim: deze voorziet alleen op het verlies aan verdienvermogen inclusief pensioenschade.
  • Een subsidiaire claim: deze voorziet op de primaire claim en heeft als toevoeging de eigen bijdrage vanuit de Wlz, maar zonder iteratie.
  • Een meer subsidiaire claim: gelijk aan subsidiair, maar inclusief iteratie.

De subsidiaire claim is al meer dan drie keer het bedrag van de primaire claim. We zijn benieuwd hoe de rechtbank deze claim gaat behandelen.

Ook op de hoogte blijven?

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief.